Jan Dirk van der Borg // Wethouder Papendrecht

Onderwijs // Cultuur // Sport // Jeugd // Regio & Samenwerking

Welkom

Wethouder van Papendrecht met verantwoordelijkheid voor onderwijs, cultuur, sport, jeugd, regio & samenwerking. Op deze website deel ik mijn gedachten en ervaringen.

Tijd Voor Een Landelijk Vuurwerkverbod

Steeds meer CDA-fracties, burgemeesters en afdelingen zijn voorstander van een verbod op het afsteken van consumentenvuurwerk tijdens Oud en Nieuw. Tijd dat de CDA-kamerfractie dat ook gaat doen. Het is tijd dat het CDA achter deze maatschappelijke verandering gaat staan, net als een steeds groter wordende groep Nederlanders. Er zijn veel argumenten om te stoppen met consumentenvuurwerk: er is een groot risico op letselschade, mensen en dieren ondervinden ernstige overlast, gebouwen raken beschadigd, de luchtkwaliteit is urenlang zeer slecht, en politie en hulpverleners zijn in gevaar. Een mix van alcohol, vuurwerk en overlast maakt dat de viering van Oud en Nieuw is te gevaarlijk geworden.

Vuurwerk bestaat al eeuwen in ons land. Het was vanaf de 18e eeuw een middel om de feestvreugde te versterken. Pas in de 20e eeuw wordt zelf vuurwerk kopen en afsteken populair. Vanaf de 60’er jaren brengt de combinatie van stijgende welvaart en toenemende import uit vooral China een grote groei van particulier vuurwerk op gang. Rotjes, voetzoekers, potten, pijlen, single shots, het is slechts een greep uit de talloze vormen van vuurwerk. Vorig jaar schoten Nederlanders weer miljoenen euro’s aan vuurwerk de lucht in.

Voor een aantal vuurwerkliefhebbers en mensen die van traditie houden gaat het nu misschien wat snel. We zijn er niet op uit om voor- en tegenstanders van vuurwerk tegen elkaar uit te gaan spelen. Er is al meer dan genoeg polarisatie in ons land. In het jaar dat voor ons ligt willen wij een beroep doen op positieve krachten in onze samenleving om samen die verandering mee te gaan maken. Wij rekenen erop!

Met alleen een verbod zijn we er niet. Het moet mogelijk blijven om in dorpen en wijken op een centrale plek collectief, gecontroleerd en veilig vuurwerk af te steken. Gemeenten moeten daarmee aan de slag. In Australië bijvoorbeeld organiseren de plaatselijke Kamers van Koophandel al tientallen jaren een centraal vuurwerk.

Als gemeentebesturen staan we soms letterlijk in de vuurlinie. Een afsteekverbod overlaten aan gemeenten is te makkelijk. Er wordt nu ook van de landelijke politiek actie verwacht.

Lees meer →

Algemene Beschouwingen Voorjaarsnota

Op donderdag 20 juni werd de Voorjaarsnota behandeld in de Apeldoornse gemeenteraad. In de Voorjaarsnota worden de kaders voor het opstellen van de jaarlijkse begroting geformuleerd. Ik sprak bij de algemene beschouwingen voor de Voorjaarsnota de volgende tekst uit:

Een voorjaarsnota met twee gezichten.

En dat in onrustige tijden. We zien totaal verschillende verkiezingsuitslagen in een paar maanden tijd. De politieke arena lijkt meer en meer op een woordenstrijd tussen flanken op links en rechts. In alle heftigheid lijkt het gewone midden wel oorverdovend stil.

Er is in slechts enkele decennia veel veranderd. Want met de teloorgang van geloof en kerk als samenbinder gaan mensen op zoek naar nieuwe ankerpunten. Er ontstaan nieuwe, scherpere scheidslijnen. We zien die scheidslijnen op diverse terreinen terug: sociaal-economisch door grotere inkomensverschillen, botsing van ideeën over immigratie en duurzaamheid, onderwijsachterstanden, traditie vs. toekomstgeloof.

We zien als reactie veel overheden driftig op zoek gaan naar allerlei vormen van burgerparticipatie. Wat ons betreft begint het bij leiderschap. Het goede en integere voorbeeld geven, fatsoenlijk met elkaar omgaan, dichtbij mensen staan en strijden voor onze inwoners. Een politicus moet bezwaren en zorgen benoemen, maar bovenal ook hoop en perspectief bieden.

Laten we met dit in het achterhoofd kijken naar welke initiatieven de overheid in deze context moet oppakken. Het CDA Apeldoorn ziet vier belangrijke onderwerpen voor de komende jaren:

1. Ervoor zorgen dat iedereen de energietransitie mee kan maken. De gemeente scoort goed in de maatregelen voor de klimaatopgave en de energietransitie, zo blijkt uit een rapport van het Gelders Energieakkoord. We zijn blij met dat signaal, ook al zijn we er nog niet. Vooral in het mogelijk maken van de energietransitie voor lage- en middeninkomens. Als onze bewoners de energietransitie niet mee kunnen maken - ook financieel - dan gaat het de Apeldoornse samenleving niet lukken. We roepen het college op hiervoor met ideeën naar de raad te komen. We overwegen hiervoor een motie in te dienen.

2. We zien dat er veel te veel jongeren professionele hulp nodig lijken te hebben. De kernvraag is: hoe komt dat? Verwachten wij, samenleving, onderwijs en ouders, niet te veel van de ontwikkeling van een kind? En labelen we niet te veel kinderen die ‘iets’ hebben? Ouders voelen druk om hulp te zoeken voor een kind met lichte problemen. Terwijl ons ideaal toch moet zijn om alleen hulp te bieden als het echt nodig is. Voordat we een discussie voeren over financiering, zou ik graag hierover het debat met u voeren. We hebben naar ons gevoel nog geen goed evenwicht bereikt tussen zelfredzaamheid en noodzakelijke professionele hulp.

Dat komt in onze opinie mede omdat we de deur te veel hebben opengezet. Het KPMG-rapport legt de vinger op de zere plek. Maar laten we niet alleen somberen: de transitie vanaf 2015 heeft de samenleving ook veel gebracht. Ik noem bijvoorbeeld wijkteams, waar getracht wordt om de samenwerking tussen instellingen goed vorm te geven.

Lees meer →

Molenmaker Klaas Kremer

Mijn betovergrootmoeder Anje Kremer werd geboren in 1845, en groeide op in een gezin met vijf kinderen. Zij trouwde later met Jan Lammert Havinga. Haar oudere broer Klaas Eltjes Kremer stond in Thesinge bekend als de molenmaker. De schrijver Oomkes heeft in een van zijn boeken over hem geschreven.

Klaas Eltjes Kremer woonde met zijn echtgenote Harmina Wieringa vlakbij de molen Germania in Thesinge in een boerderij waar ook een molenwerkplaats was gevestigd. Op het erf van de boerderij werd rond 1890 door de molenmakers Christiaan Bremer uit Middelstum en Klaas Eltjes Kremer een molentje gebouwd. Het molentje draagt de naam 'De David' (bron).

Molentje 'De David', met op de achtergrond de Thesingse molen Germania.

In 1894 werd het molentje verkocht aan J. Bolhuis, die het 500m verplaatste. In 1934, na 40 jaar trouwe dienst, werd het molentje door molenmaker Thomas Bremer in Adorp aangekocht, gerestaureerd en opgeslagen. Sinds kort staat het molentje naar verluid in Warffum, in openluchtmuseum Het Hoogeland. (bron)

Klaas Eltjes Kremer overleed in 1915. Zijn vrouw Harmina Wieringa in 1911. Ze liggen beide begraven in Thesinge, waarvan de grafstenen hieronder het bewijs zijn (bron).

Lees meer →

Kerstvloed Van 1717 En De Familie Kadijk

De Kerstvloed van 1717 was een enorme ramp in Groningen. Door de slechte dijken en de krachtige storm heeft deze ramp zich op de Eerste Kerstdag van 1717 voltrokken. De Kerstvloed eiste ongeveer 13.300 mensenlevens, in Duitsland, Friesland, maar vooral ook Groningen. Het zeewater in de Ommelanden stond 2 tot 3 meter hoog en bereikte de poorten van de stad Groningen. 2276 mensen overleden.

Mijn oudvader Jan Pieters van der Borg (geboren 1810) trouwde in 1833 met Kornelia Kadijk in Eenrum, nabij Pieterburen. De familie Kadijk/Cadijk woonden jarenlang, zo niet eeuwenlang, in een van de drie Ommelanden: Hunsingo, het gebied aan de Groningse kust bij de Waddenzee. De vader van Kornelia was Jacob Rentjes Kadijk, landbouwer uit Pieterburen. Hij was getrouwd met Aafke Jans van Dijk. Jacob Rentjes was de zoon van Reyntje Jans Kadijk en Cornelske Jans Luitjens. Op zijn beurt was Reyntje Jans de zoon van Jan Jakobs Vos Kadijk en Nieske Emes. De naam Kadijk komt overigens van de Kadijk uit Pieterburen en betekent 'een lage dijk'.

Jan Jakobs Vos Kadijk boerde aan de Oude Zeedijk 4 in Pieterburen (deze boerderij is voor 2000 afgebroken). Vanaf 1741 boerden hier vier generaties Vos/Kadijk. Een boerderij even verderop werd ook hun eigendom, deze is ook afgebroken.

Jan Jakobs Vos Kadijk was de zoon van Jacob Reintjen Vos, en dan zijn we op het moment in de geschiedenis waar we willen zijn. Jacob Reintjen Vos trouwde met Anje Writzers. Anje was eerder getrouwd met haar broer Abel Jacobs (van 1707-1717). Voor het gezin Abel en Anje was de Kerstvloed van 1717 zeer noodlottig.

De voorouders van Kornelia Kadijk vanaf Jacob Reyntjes Vos en Anje Writzers

Bij de Kerstvloed van 1717 verloor Anje Writzers haar man Abel Jacobs en hun vijf kinderen: Jantjen, Grabrigh, Petertjen, Jacob en Aafke van 1 tot 9 jaar oud. Meer is te lezen in het boek "Verhaal van alle hooge Watervloeden", geschreven door Gerhardus Outhof in 1720. Outhof schrijft: "Abel Jacobs moeste lijden dat zijne kinderen verdronken, terwijl zijne meidt, schoon aan en boom geraakt, dit selve onheyl ook in zijn gezigt trof. Hij zelve dreef met zijn vrouw en knegt op een stuk van 'thuisdak, dog raakte daar af en verdronk, zonder weeten van zijn vrouw en knegt, die te Bafloo dreven en behouden wierden." Anje Writzers hertrouwde op 27 november 1718 met Abel zijn broer Jacob Reintjen, zij kregen nog vier kinderen.

Verantwoording: bovenstaande teksten komen uit eigen genealogisch onderzoek en gedeeltelijk van de websites Historiek.nl, Deverhalenvangroningen.nl en Kerstvloed1717.nl. Van de Kerstvloed van 1717 is in 2017 (300 jaar geleden) een film gemaakt.

https://www.deverhalenvangroningen.nl/alle-verhalen/de-kerstvloed-van-1717

Lees meer →

De Zegveldse Drenkeling Annigje Blok

Op 30 december 1839 vindt in Zegveld een bijzondere gebeurtenis plaats. In onderstaand artikel beschrijft G.J.A. Beerthuizen - van Kooten hoe de 10-jarige Annigje Blok van de verdrinking wordt gered. Bijzonder voor onze familie is dat Annigje Blok een oudmoeder is aan mijn moeders kant (de familie Kooman-Verburg). De familie Blok woonde in die periode in Zegveld.

_De voorouders van Arie Verburg (mijn overgrootvader aan moeders kant)
_

Lees meer →

De Eerste Bewoners Van De Polder Noord Beveland

Stormvloeden hebben Zeeland tot in het recente verleden geteisterd. Tussen 1134 en 1530 waren er meer dan 45 ernstige overstromingsrampen. Sint Felix quade saterdach op 5 november 1530 was de grootste ramp. Alleen de kerktoren van Kortgene stak nog boven het water uit. Toen men twee jaar Noord Beveland bijna had hersteld, werd al dit werk verwoest door de Allerzielenvloed van 2 november 1532. Door deze twee vloeden ging veel land permanent verloren. Sindsdien bleef het "drijvende'', dus onbedijkt en onbeschermd tegen wind en water, tot tussen 1598 en 1697 het land opnieuw werd ingepolderd en opnieuw bevolkt. De polders van Wissenkerke en Kortgene worden namelijk later ingepolderd dan Colijnsplaat. Meer informatie over de inpoldering van Noord Beveland is hier te vinden. De nieuwe bewoners waren vooral van Schouwen en Duiveland en van Tholen afkomstig (bron: P.W. Meertens - Zeeuwse familienamen).

Wat brengt mij nu bij dit verhaal? Wel, de stamvader van de familie Kooman, Willem Willemse Kooman (1779-1833), stamt via Gerard Maartense Kooman af van de familie Harthoorn. Willem Willemse Kooman woonde en werkte in Looperskapelle en Duivendijke op het huidige Schouwen-Duiveland. Zijn opa Gerard Maartense Kooman is geboren in Oud-Vossemeer en later naar Schouwen-Duiveland verhuisd. Zijn moeder heette Janneken Reyniers Harthoorn. En dat maakt het interessant. Onderstaand schema maakt het allemaal duidelijk.

In het tijdschrift Gens Nostra van januari 1976 staat een verhaal over de oudste generatie van de Zeeuwse familie Harthoorn. Anthonis Jansz. en Dina Reyniers zijn de oudste bekende familieleden, getrouwd in ca. 1620. Zij hadden 6 kinderen, voor zover bekend: Jan Anthonisz, Reinier, Pieter, Cornelis, Reijnier Anthonisse en Adriaen. De verwachting is dat een deel deze familie en voorouders, die later Harthoorn gaat heten, een van de eerste bewoners zijn van het 'nieuwe' Noord Beveland. Uit de doopboeken van de hervormde gemeenten van Colijnsplaat wordt duidelijk dat er halverwege de 17e eeuw twee broers hebben gewoond, Jan en Cornelis Anthonisz. Zij zijn hier gedoopt. Kort nadat de polder van Wissenkerke is drooggelegd in 1652 zijn beide broers daar ook gaan wonen. Dit blijkt uit het register van schepenakten. Daarin komt ook de naam Harthoorn naar voren. Cornelis is tot zijn dood in 1704 koster van de kerk.

Een andere broer, Reijnier Anthonisz., is als doopgetuige opgetreden bij de doop van een kind van Jan Anthonisz. en zijn vrouw Catalijnken Jans in Colijnsplaat (1650). Reijnier vertrekt later naar Sint Philipsland, doet daar belijdenis, was diaken van 1675-1685 en vertrok daarna naar Oud Vossemeer. Reijnier is de opa van de eerder genoemde Gerard Maartense Kooman.

Lees meer →